Korfbal League
[VOORBESCHOUWING] Hoe sloop je een hoeksteen?
De derde finale in vier jaar tijd. Laat het even op je inwerken. De eerste was een soort generale repetitie. DVO stond er dan eindelijk eens, na een historische driekamp met Fortuna. De euforie werd meegenomen naar Ahoy en daar meedogenloos door PKC in piepkleine stukjes gehakt. De tweede mondde uit in een deceptie, met een eindfase zoals LDODK die dinsdagavond meemaakte. Ook die won PKC. En deze derde wordt, al was het maar bij gebrek aan PKC, weer een totaal andere.
Het voelt ergens nog steeds gek dat DVO toch weer en masse richting Rotterdam mag. Door alles wat dinsdagavond plaatsvond, is het misschien nog wel onwerkelijker dan die eerste keer. Dus is het de uitdaging om snel weer helemaal op te laden. Hongerig te worden. En natuurlijk: een tactisch geniaal plan te smeden om dataminers Damien Folkerts en Joost Preuninger af te troeven.
Fortuna/Ruitenheer was overduidelijk de beste ploeg van de competitie, met de twee topscorers in de gelederen. Hoek schiet sowieso alle records dit seizoen aan flarden en gaat in dit bizarre tempo volgend jaar de meest scorende dame in de geschiedenis van de Korfbal League worden. Toch netjes gescout, destijds.
En dan kan ze, als het er écht om gaat, zelfs nog iets extra’s. DVO heeft eerstehands ervaren waartoe Hoek dan in staat is. Lang, lang geleden was ze cruciaal bij de handhaving en een jaar later besliste ze als nieuwbakken Fortunees de finale in Ahoy. Toen werd ze ook verkozen tot Speelster van het Jaar, een eer die ze vorig seizoen weer kreeg en ook deze editie niet meer zal ontgaan. Negen uit zestien schoot ze, in de eerste play-off tegen PKC. Ze zou eigenlijk voor twee dames moeten tellen, zo goed is ze dit jaar.
Ook Van der Steen is dit seizoen beter dan ooit. Hij schiet meer én tegen een hoger percentage. Zijn gemiddelde per wedstrijd ligt bijna twee goals hoger dan voorheen. Met dank aan zijn vak. Jordi van Elburg en Laura van der Linden zijn twee perfecte medespelers. Of Roos van Groen of Lindsey Krop gaat starten, is afwachten.
Natuurlijk zijn ook Merijn Mensink, Wouter Wildschut en Renée van Ginkel klasbakken. In de tweede play-off tegen PKC stond Wildschut op toen Hoek, na vier minuten brommen, door haar coaches naast Van der Steen werd gedropt. Tegen een vak met Olav van Wijngaarden, terug na een maandje gedwongen sabbatical, schoot Wildschut er soepeltjes acht in.
Fortuna is door zulke spelers een compleet team. Zwijgen de kanonnen, dan is er nog genoeg over. Toch drijven de Delftenaren op de goals van Hoek en Van der Steen. Meer dan de helft komt namelijk uit hun handen. Hoek en Steen. Hoeksteen. Dat zijn ze, met z’n tweeën. De hoeksteen van Fortuna. Essentieel. Onmisbaar. Dus is de vraag: hoe sloop je ze? En hoe breng je daarmee het Delftse fundament aan het wankelen?
Eerder dit seizoen, toen DVO won van Fortuna, slaagde Daniëlle Boadi er redelijk in om Hoek uit te schakelen. Sindsdien lijkt de vedette nog een klasse beter geworden. En Boadi heeft het te verduren gehad de laatste weken. Ze is geduwd, uitgejouwd, platgewalst door nota bene haar eigen aanvoerder en dan is er ook nog die duim. Geen optimale voorbereiding op een eventueel beslissende confrontatie met de speelster die ze zo ongeveer hoogstpersoonlijk opvolgde bij DVO. En toch staat ze er straks, let maar op.
In die wedstrijd, de laatste nederlaag die Fortuna leed, kwam Van der Steen tot acht doelpunten. Onze eigen Gertjan Meerkerk maakte er één minder. Die kun je dus tegen elkaar wegstrepen, maar dat is scorebordtaal. Wie wil nou niet dat deze twee unieke spelers elkaar face to face gaan bestrijden op het allergrootste podium dat bestaat?
Sommige coaches zeggen: laat die spitsen maar begaan, zolang de anderen maar niet scoren. Je restverdediging op orde hebben, heet dat dan. Maar drie weken geleden, toen Fortuna de return won, maakten Hoek en Van der Steen er samen 17. Van de 23! Dat zijn niet veel goals van ‘de rest’ om te voorkomen. Trouwens: op een goede dag maakt DVO er een stuk meer dan 23.
Trouwens twee: de Bennekommers verspeelden in die laatste speelronde thuisvoordeel en dat was achteraf maar goed ook. In Gorredijk werd twee keer gewonnen, in Bennekom verloren. Stel je voor dat DVO twee keer thuis had gespeeld.
Trouwens drie: Hoek en Van der Steen stonden niet tegen Boadi en Meerkerk. Sowieso leek niemand in die wedstrijd echt tot het gaatje te gaan. Niet zoals je in de play-offs zou doen. Of in een finale. En Hoek is inmiddels ook oud en wijs genoeg om te weten: “Met statistieken word je geen kampioen”.
Het is in Ahoy schijnbaar ook altijd weer net wat anders schieten. Meer diepte achter de korf. Hoek en Van der Steen hebben vaker met dat bijltje gehakt dan de DVO’ers en waren meermaals speler van de wedstrijd. Maar het kan verkeren. Rosalie Peet bijvoorbeeld was al eens geniaal in een juniorenfinale. In Delft was zij de verschilmaker: zeven goals.
Alinea na alinea over de tegenstander, klopt. Maar over DVO is alles eigenlijk al gezegd. En iedereen heeft het gezien. Een seizoen met hoge pieken, diepe dalen en een bizarre vulkaanuitbarsting in de laatste vijf minuten van play-off drie. Dát niveau. Dát geloof. Díe rust. En vooruit: dat kleine beetje geluk. Dat bewijst dat hoe het ook verloopt in de korfbaltempel, NIETS onmogelijk is.
Die slotfase was al een krachtproef. In Ahoy wordt het nog zwaarder. Want het is de finale. Niets wat het waard is om te hebben, komt eenvoudig. Vechten. Leveren. Geloven. Aanval voor aanval. Maar ook lekker ballen en genieten. Bij jezelf blijven. Deurdonderen. Wat er ook gebeurt.
Lees/zie ook:
- Fortuna/Ruitenheer meer dan klaar voor Ahoy! – Voorbeschouwing Fortuna
- “‘DVO-capo’ Daan (24) vroeg een jaar geleden al vrij voor korfbalfinale: ‘We gaan met zo’n 740 supporters naar Ahoy’” – De Gelderlander
- “Van Gent Finaleweken: Ongeloof maakt plaats voor strijdlust bij Koen van Roekel: DVO met zelfvertrouwen naar Ahoy” – Ede Stad


